‘Durf los te laten’ en nog 5 tips als je kind een fysieke beperking heeft

Als je zoon of dochter een fysieke beperking heeft, loop je in de opvoeding soms tegen onverwachte dingen aan. Je wilt het allerbeste voor je kind, maar al die zorgen kunnen ook verstikkend werken. Hoe vind je als ouders de balans tussen beschermen en loslaten?

Yvette den Brok is gezinscoach en schrijfster. Op WijRollen.nl schrijft ze regelmatig artikelen over het opvoeden van kinderen met een lichamelijke handicap, en de dilemma’s die daarbij komen kijken. Zes tips voor ouders en opvoeders:

1. Accepteer je kind – en dus óók de handicap

Van een kind vol zelfvertrouwen zeggen we vaak: ‘die komt er later wel.’  Maar de basis voor dat zelfbeeld wordt al vroeg gelegd. En daarin heb je als ouder een belangrijke taak.

Zolang je aan een handicap denkt in termen van “een fout” of als iets dat een probleem is, zie je de handicap als iets dat hersteld moet worden.

“Als iedereen het recht heeft om te zijn wie hij is, hebben mensen ook recht om gehandicapt te zijn en zichzelf mét die handicap op hun eigen manier te redden.” Dat als ouders actief uitdragen, draagt in grote mate bij aan een positief zelfbeeld, lef en zelfredzaamheid.

“Zulke vaardigheden bouw je in je kindertijd thuis op. Doordat je als kind ervaart dat er van je gehouden wordt, doordat je je als kind gewaardeerd en gezien voelt zoals je bent, leer je van jezelf te houden en dan gaat de rest vanzelf.”

2. Durf los te laten

“Zorg dat je je gehandicapte kind niet constant op z’n lip zit. Ook niet als je kind hulp nodig heeft. Vanaf een bepaalde leeftijd heeft een kind – gehandicapt of niet – gewoon het recht om zonder ouderlijk toezicht buiten te spelen. Als je dat niet respecteert, ben je een sta-in-de-weg in het contact met andere kinderen en dat is funest voor de sociale ontwikkeling. Die eventuele hulpvraag lost je kind zelf heus wel op.”

3. Pas op met klagen

Klagen doen we allemaal. Het lucht op, en vaak lijkt het onschuldig. Yvette: “Denk bijvoorbeeld aan een moeder die in het bijzijn van haar zoon aan een kennis vertelt hoe vermoeiend het is om dag-in-dag-uit voor haar schoolgaande zoon te moeten zorgen, zonder het perspectief dat hij langzaam maar zeker steeds meer zelf zal kunnen.”

Natuurlijk is dit als moeder lastig, en het is goed om daar met iemand over te praten. Maar dan wel buiten gehoorafstand van haar zoon, die zich door dit soort opmerkingen lastig en bezwaard gaat voelen.

Het is aan jou als ouder om je kind te beschermen tegen dingen die niet voor zijn of haar jonge oortjes bestemd zijn.

“Het is ook aan jou als ouder om je eigen grenzen aan te geven. Maar dan wel op een manier dat je kind zich niet lastig of bezwaard gaat voelen.”

4. Let op je taalgebruik

“Er is één duidelijke restrictie voor hoe je met – en over! – je gehandicapte kind praat. Mensen die zich druk maken over wat ouders van gehandicapte kinderen voor hun kiezen (kunnen) krijgen, hebben veel termen bedacht die weinig feeling lijken te hebben met het welzijn van gehandicapte kinderen. Termen die eufemistisch lijken, maar dat juist niet zijn, zoals ‘zorgenkinderen’ of ‘kinderen met meer zorgbehoeften’ of ‘zorg intensieve kinderen’. Gebruik dat soort termen liever niet. Ze kunnen je gehandicapte kind alleen maar het gevoel geven dat hij of zij een lastpak is.”

5. Gun je kind helden met een handicap

Ieder kind heeft helden nodig. Iemand om zich aan op te trekken. Die je dromen aanwakkeren en laten zien dat aanhouden loont. Maar dan moet je je als kind wél in die held kunnen herkennen.

Yvette: “Juist als het gaat om een eigenschap die het kind niet had willen hebben. Een eigenschap waarover het kind is wijsgemaakt dat het hem of haar zwak maakt. Dat maakt namelijk dat een kind zichzelf aan de held kan optrekken, omdat de held met die zogenaamde rottige eigenschap toch wél tot het nodige in staat blijkt te zijn.”

Kijk bijvoorbeeld eens op de site van de bibliotheek voor inclusieve boeken-tips!

6. Laat kinderen met en zonder handicap samen opgroeien

Waar kinderen mét en zonder handicap samen optrekken, leren beiden ontzettend veel. Van de goede én de minder goede ervaringen. “Wat veel mensen niet zien, is dat gehandicapte kinderen juist op een reguliere school – tussen niet-gehandicapte leeftijdgenoten – leren om met hun handicap om te gaan. Juist daar moeten ze zich weren tegen kinderen die (nog) niets van handicaps begrijpen, doordat het bestaan daarvan thuis – hopelijk onbewust – wordt verzwegen. Juist daar moeten ze hun eigen manier zien te vinden om mee te doen met de rest.”

Gehandicapte kinderen leren juist dan om met hun handicap om te gaan.

En dat werkt beide kanten op: “Kinderen die op school met gehandicapte leeftijdgenoten zijn opgegroeid, zullen het als volwassenen niet vreemd vinden om samen te werken en rekening te houden met gehandicapte mensen. Dat zal de sociaal-maatschappelijke kansen van gehandicapte mensen alleen maar vergroten. Is dat niet precies wat we willen?”

Voor een overzicht van alle artikelen van Yvette den Brok check WijRollen.nl

Geef mensen met een Handicap een plekje in jouw opvoeding!

Er zijn nog veel mensen die ongemakkelijk reageren wanneer zij iemand met een handicap tegenkomen. Om daar verandering in te brengen ontwikkelde HandicapNL het boekje ‘Hallo ik heb een handicap’, om al vroeg met kinderen het gesprek aan te gaan over inclusie. Boordevol tips, vaak gestelde vragen en mogelijke antwoorden. Download het boekje hieronder gratis!

Ja, stuur mij het gratis E-book voor ouders!

Bij het aanmelden ga je akkoord met de privacyvoorwaarden van HandicapNL.