11 februari 2020

Dromen van een maatschappij waarin iedereen kan meedoen

Vandaag is de startbijeenkomst van de commissie die normen moet opstellen voor de toegankelijkheid van gebouwen. Zodat iedereen kan meedoen. Sanne Kroon van HandicapNL kijkt met meer dan gemiddelde belangstelling naar die bijeenkomst uit. Ze droomt van een maatschappij waarin iedereen kan meedoen. Tegelijk vreest ze een nieuwe papieren tijger.

Iemand in rolstoel voor automatische schuifdeur
beeld anp / Evert-jan Daniels

1    Wat is het probleem?

‘Het probleem is echt heel groot. Bij de inrichting van de Nederlandse maatschappij wordt niet voldoende rekening gehouden met mensen die anders zijn. En dan heb ik het niet alleen over de twee miljoen mensen met een handicap die wij vertegenwoordigen. Dan gaat het over ouderen, mensen die minder mobiel zijn, mensen die laaggeletterd zijn. En het gaat ook niet alleen over de vraag of je naar binnen kunt in een gebouw, maar ook over sociale toegankelijkheid, toegankelijkheid in het openbaar vervoer en digitale toegankelijkheid. Of je ook de website begrijpt van je gemeente als je laaggeletterd bent bijvoorbeeld. Nederland is daar nog niet zo heel goed in. Wij hebben ook pas als een van de laatste het “VN-verdrag Handicap” daarover getekend. Het moet echt nog beter. Gebouwen moeten toegankelijker worden, websites moeten toegankelijker worden.’

2    Andere landen doen het beter?

‘Veel van de landen om ons heen zijn veel verder met de implementatie van het VN-verdrag. In Frankrijk bijvoorbeeld is het in de bouwvergunning al opgenomen: als je niet toegankelijk bouwt, krijg je geen vergunning. Een horecavergunning wordt niet afgegeven als je toilet niet toegankelijk is. Wij beginnen nu pas een commissie aan te stellen die moet vaststellen wat de normen zijn.’

3  Maar dan gaat het bij ons ook snel…

‘Dat is nog niet gezegd. Dat deze commissie vaststelt wat de normen zijn, betekent nog niet dat het ook in de regelgeving terechtkomt. Deze normen zijn vrijblijvend. Zolang ze niet in de bouwregelgeving worden opgenomen, komen ze niet in de bouwvergunningen terecht. Er zijn in Nederland 25 gemeenten die vooroplopen in hun inclusiviteitsagenda, in hun toegankelijkheidsdoelstellingen. Maar zij lopen ertegenaan dat ze niets kunnen vastleggen in een bouwvergunning die ze moeten verstrekken. Als het niet in de landelijke regelgeving zit, kun je niets afdwingen. Als de Normcommissie een goede lijn kiest, is dat nog maar een eerste stap.’

4  Naar het probleem dan maar, hoe uit zich dat concreet?

‘Een groot deel van onze achterban voelt zich aan de zijlijn staan. Het is als persoon met een handicap in Nederland vaak onmogelijk zelfstandig met het openbaar vervoer te reizen, of om zelfstandig gebouwen in te gaan. Dat brengt je in een isolement. Ook werk vinden kan lastig worden. Omdat ze geen toilet voor je hebben bijvoorbeeld, en geen lift. Dan krijg je dus die baan niet. Nederland beperkt mensen in hun mogelijkheden. Bijvoorbeeld als een theater geen lijntje in een muur stuukt waardoor mensen zich kunnen oriënteren. Iemand met een beperking kan een restaurant bellen met de vraag of ze toegankelijk zijn. Het antwoord is dan: ja hoor, we hebben een invalidentoilet. Maar als je er komt, blijkt dat je voor het bereiken van dat toilet nog twee treden op moet. Dit overkwam mij laatst zelf. Degene met wie ik was, kon écht niet lopen, ook geen twee stapjes.’

5  Is alles technisch mogelijk?

Heel veel. Je kunt bijvoorbeeld bij binnenkomst in een gebouw met een QR-code een app krijgen die je via de gps op je telefoon door het gebouw heen praat. De investeringen vallen wel mee. Een deur van tachtig centimeter of een van een meter, maakt geen groot prijsverschil. Maar het bepaalt wel of er een rolstoel doorheen kan. Het is vooral goed plannen. Goed bouwen is niet zo duur. Aanpassingen doen als een gebouw verkeerd gebouwd is, dát is duur. Het gaat soms om heel simpele dingen. Ik was laatst bij een halte van tramlijn 26 in Amsterdam. Daar waren de ov-scanpalen hoger geplaatst. Ik was er met iemand in een rolstoel. Die kon zijn ov-kaart dus niet zelf scannen.

6  Gaat het niet wat traag allemaal?

Haha, is dit een retorische vraag? Je vraagt je af: hoe belangrijk vinden we dit als Nederland? We beschouwen onszelf als beschaafd, we zijn rijk … Vinden wij als maatschappij dat dit kan? Zo veel mensen die aan de zijlijn staan en niet gewoon mee kunnen doen?

7  Wat hoopt u?

Dat het geen papieren tijger blijft. Maar ook ons denken moet veranderen. Nederland gaat uit van een medisch model: als je een handicap hebt, moet er voor je gezorgd worden. Scandinavische landen werken met een sociaal model: we hebben heel veel verschillende mensen, en de maatschappij moet voor iedereen toegankelijk zijn. Als je bij een gebouw komt met een trapje, heb jij niet een probleem, maar heeft het gebouw een probleem.

Geschreven door Rien van den Berg / Nederlands Dagblad (07-02-2020)