“We kijken in Nederland nog te veel naar wat iemand direct oplevert,” zegt Hummels. “Alsof je pas meetelt als je meteen volledig productief bent. Dat is natuurlijk flauwekul.”
Een systeem dat te snel afhaakt
Hummels houdt zich al jaren bezig met arbeidsparticipatie van mensen met een verstandelijke beperking. Wat hem opvalt: het systeem geeft te snel op. “Er zijn grofweg drie routes na het vso: doorleren, direct naar werk of dagbesteding,” legt hij uit. “Maar bij die laatste groep kijken we vaak niet meer verder. Terwijl daar juist veel potentieel zit.” Volgens hem worden jongeren te snel weggezet. “Ze krijgen al snel het label ‘duurzaam onbemiddelbaar’. Dan sta je eigenlijk meteen aan de kant.” En dat alleen omdat ze, ondanks hun kwaliteiten, niet passen binnen de huidige normen. “Dan gaat het niet meer over wie je bent, maar alleen over wat je produceert. Ben je dan ineens minder waard? Natuurlijk niet.”
Meer mogelijk dan gedacht
“Meer mensen kunnen meer dan wij denken,” zegt Hummels. “Maar dan moet je ze wel de kans geven om zich te ontwikkelen.” En dat kost tijd. “Sommige jongeren hebben een paar jaar nodig om te groeien naar betaald werk. Dat vraagt geduld. En dat hebben we als maatschappij te weinig.” Volgens hem moeten we anders kijken naar ontwikkeling. “Je kunt prima beginnen met dagbesteding of onbetaald werk, maar zie dat als een tussenstap. Van daaruit kan een grote groep doorgroeien, certificaten halen en verder leren.”
Onderwijs dat wel aansluit
Daar ligt volgens hem een belangrijke rol voor MBO op Maat. “Het reguliere mbo is vaak te talig en te theoretisch,” zegt hij. “Veel jongeren vallen uit op taal en rekenen, terwijl ze in de praktijk heel goed functioneren.” Met MBO op Maat kan dat anders. “Meer begeleiding, kleinere groepen en praktijkgericht leren vergroten de kans dat jongeren verder komen.” Hij wijst op werkgevers waar een beetje extra ondersteuning al werkt. “Ga eens kijken bij organisaties zoals TivoliVredenburg. Daar zie je wat er gebeurt als je werk aanpast aan mensen, in plaats van andersom.”
Geen kostenpost, maar waarde
Het idee dat investeren in deze groep vooral geld kost, noemt Hummels onzin. “Ja, het kost geld om onderwijs en begeleiding goed in te richten. Maar mensen leveren ook waarde op. Mensen die participeren zijn minder vaak ziek, doen minder beroep op zorg en voelen zich beter. Dat heeft effect op de hele samenleving.”
Kwestie van recht
Voor Hummels begint het bij een principiële keuze. “Onderwijs is een recht,” zegt hij. “Voor iedereen. Ook als dat onderwijs aangepast moet worden.” Volgens hem kijken we nu te vaak eerst naar kosten. “Draai het om. Begin bij het recht en kijk dan wat mogelijk is.”
“Laat je daardoor inspireren”
Volgens Hummels kan Nederland beter. “We laten een groep mensen in de steek, terwijl ze wel degelijk kunnen bijdragen.” De oplossing is niet moeilijk. “Begin klein,” zegt hij. “Kijk naar wat iemand kan en wat iemand nodig heeft om mee te doen, in onderwijs en in arbeid.” En leer van wat al werkt. “Nederland,” zegt hij, “laat je daardoor inspireren en doe er nu eens echt iets mee.”
Laat jongeren gewoon meedoen
In Nederland zijn er 50.000 jongeren met een licht verstandelijke beperking die wél willen leren, maar voor wie toegankelijk mbo-onderwijs ontbreekt.
Met MBO op Maat bouwen we aan een nieuwe route. Met kleinere klassen, meer begeleiding en onderwijs dat echt aansluit.
Help mee om in 2030 50 leerlijnen mogelijk te maken. Met jouw bijdrage kunnen meer jongeren leren, werken en meedoen.
[andere verhalen]
-
Verhaal
“Ik wil gewoon verder”
“Wat ga ik studeren?” vraagt Yasminah. Ze is negentien en zit in haar laatste jaar…
-
Verhaal
“We kunnen echt wel meer dan mensen denken”
Rosa begon op een reguliere basisschool. Tot bleek dat ze een licht verstandelijke beperking en…
-
Verhaal
“Het gaat nooit over Sieb, maar over het beeld dat mensen hebben”
Sieb is 19 jaar en heeft het syndroom van Down. Net als zijn tweelingbroer Arie…



