• Doneer nu
  • Zoeken
    Generic filters
    Exact matches only

Omgaan met autisme

Autisme is niet te genezen. Ook bestaat er geen medicijn voor. Maar met de juiste hulp kun je wel leren om zo goed mogelijk met je beperkingen om te gaan. Ook voor je familie, vrienden en collega’s zijn er tips. Omgaan met autisme is voor iedereen leren leven met uitdagingen!

Tips omgaan met autisme – voor jezelf

#1 Iedereen is uniek

Net zoals iedereen, is ook iemand met autisme uniek. Je hebt je zwakke en sterke kanten. Leer deze kennen, zodat je weet welke situaties lastig zijn en wanneer je juist je talenten in kunt zetten.

#2 Zorg voor een duidelijke structuur

Als je autisme hebt, heb je vaak behoefte aan structuur, routine en duidelijkheid. Dit zorgt voor overzicht en rust. Maak dus zelf of samen met iemand een dag- of weekplanning, om zo structuur aan te brengen in je leven.

#3 Zoek begeleiding die bij jou past

Sommige mensen met autisme lukt het om een zelfstandig bestaan op te bouwen. Andere mensen hebben juist veel begeleiding nodig, bijvoorbeeld met dagbesteding, wonen en vrije tijd. Zoek samen met de mensen om je heen naar de begeleiding die bij jou past.

Tips omgaan met autisme – voor de ander

De opvoeding van een kind met een autistische stoornis kan voor ouders een hele uitdaging zijn. Ook met vriendschappen of een relatie met een partner met autisme kun je tegen problemen aanlopen. Er bestaat niet één handleiding hoe je om moet gaan met iemand met autisme. De stoornis uit zich immers bij iedereen op een eigen manier. Onderstaande tips kunnen je wel helpen beter met iemand met autisme om te gaan.

#1 Wees duidelijk en expliciet

Mensen met autisme nemen vaak letterlijk wat je zegt. Daardoor kunnen zij een grapje of een sarcastische opmerking verkeerd begrijpen. Zeg dus precies wat bedoelt en gebruik korte en directe zinnen.

#2 Leg duidelijk uit wat er gaat gebeuren

Voor iemand met autisme is het fijn als er structuur en regelmaat is. Vertel het ruim van tevoren als er veranderingen of activiteiten aankomen. Leg zo duidelijk mogelijk en stap voor stap uit wat er gaat gebeuren. Check bij de ander of hij of zij het begrepen heeft.

#3 Vermijd fysiek contact

Omdat mensen met autisme al heel veel prikkels binnenkrijgen, hebben zij vaak moeite met fysiek contact. Je kunt ze dus beter niet zomaar aanraken. Ook probeert iemand met autisme vaak oogcontact te vermijden. Dwing iemand dan ook niet om je aan te kijken.

#4 Zorg voor rust tijdens een gesprek

Voor mensen met autisme is het lastig om zich te concentreren op een gesprek, omdat andere geluiden en prikkels net zo hard binnenkomen. Het helpt als je tijdens een gesprek zorgt voor een rustige omgeving.

#5 Ben je ervan bewust hoeveel energie sociale interacties kosten

Hoewel het misschien niet zo lijkt, doen mensen met autisme vaak ontzettend hun best om sociale interacties te laten lukken. Ook zij willen er graag bij horen. Realiseer je dat dit heel eenzaam kan zijn.

#6 Onderbreek de routines niet

Soms voert iemand met autisme herhalende handelingen of rituelen uit. Misschien begrijp je niet precies wat hij of zij doet en ziet het er een beetje vreemd uit. Toch kunnen deze handelingen heel belangrijk zijn. Het geeft iemand meer overzicht en rust. Probeer dus niet zomaar de rituelen te doorbreken. Dit kan leiden tot stress of boosheid.